dinsdag 15 februari 2011

Luipaard

Ik wil een luipaard zijn. Dan sluip ik in Afrika over de savanne, klim ik in een boom en geniet ik lekker van het zonnetje. Totdat ik een arm, nietsvermoedend hert in het oog krijg. Of een knaagdier, of misschien zelfs een vogel. Het is maar waar ik op dat moment zin in heb. 
Vandaag heb ik zin in een antilope. Ik speur de vlakte af, en daar zie ik een groep antilopen. Eentje krijgt mijn specifieke aandacht: een jong, onwetend exemplaar. Die zijn het sappigst.
Ik verlaat mijn boom en benader de groep onopgemerkt. Het duurt lang, maar het wachten zal beloond worden. Ik kom langzaam dichterbij. De jonge antilope lijkt me op te merken en ze kijkt opgeschrikt rond, maar ik word niet ontdekt. Ik blijf liggen, verscholen in het gras. Ze richt haar aandacht weer op waar ze mee bezig was: eten. "Hmm, eten. Wat zal ik straks heerlijk eten", denk ik.
Ik kruip nog een meter dichterbij en ik druk me nog wat lager in het gras. Ik span al mijn spieren aan en daar ga ik: recht op mijn doel af. De groep stuift uiteen. Het is nu ieder voor zich. De ogen van mijn prooi schieten angstig in het rond, terwijl ze een vluchtweg probeert te zoeken. Tevergeefs. Ik geef alles wat ik in me heb, ik ren zo hard als ik kan en mijn moeite word beloond: ik krijg haar te pakken. Ik grijp haar in haar nek. Ik bijt haar slagader door. Haar ogen draaien vreemd in de rondte, en ze blaast haar laatste adem uit. Ik sleep haar mee, terug naar mijn boom. Ik neem haar mee mijn boom in, veilig voor andere roofdieren. Ik vreet haar op, met huid en haar, en daarna gooi ik het karkas uit de boom. Ik kijk trots over de vlakte, waar het nu ijzig stil is. Míjn vlakte. Tevreden leg ik mijn kop op mijn poten, en doezel ik weg in het zonnetje, wachtend op een volgende maaltijd.

1 opmerking: